Het fundament ligt, de beweging groeit verder

Hoe het Programma Scholing Palliatieve Zorg blijvende impact realiseert

Het fundament ligt, de beweging groeit verder

Hoe het Programma Scholing Palliatieve Zorg blijvende impact realiseert

Waar we oorspronkelijk inzetten op scholing van 525 zorgverleners, werden dat er uiteindelijk ruim 3000. Een kleine vierhonderd docenten volgden de docentenscholing. “We hebben een landelijke beweging in gang gezet die groter is geworden dan het programma zelf,” vertellen Judith Kolvoort en Christel Holwerda, de kartrekkers van het traject, over de duurzame impact van het programma.

Naast duizenden geschoolde zorgverleners en honderden opgeleide docenten heeft het programma geleid tot het verstevigen van het netwerk binnen palliatieve zorg, een nieuwe generatie docenten en een gezamenlijke basis voor scholing in palliatieve zorg. Daarmee reikt de impact verder dan de looptijd van het programma. Voor de start van het programma werd het gesprek over palliatieve zorg vooral gevoerd door bestuurders, beleidsmakers en kartrekkers in het veld. Het programma bracht dat gesprek naar de werkvloer. Daardoor groeide niet alleen de kennis over palliatieve zorg, maar ook de groep professionals die het onderwerp actief uitdraagt. “Het onderwerp palliatieve zorg wordt hierdoor van iedereen,” zegt Judith.

Partnerschappen die blijven

Het programma stimuleerde samenwerking actief door zorgorganisaties, onderwijsinstellingen, netwerken en scholingsaanbieders samen te brengen rond een gezamenlijk doel: goede palliatieve zorg voor patiënten en naasten. Organisaties vonden elkaar of verstevigden hun banden en zo ontstonden duurzame partnerschappen die ook na afloop van het programma blijven bestaan. “Soms ontdekten organisaties dat zij al jaren met hetzelfde onderwerp bezig waren in dezelfde regio, zonder elkaar ooit te hebben ontmoet”, aldus Christel.

In de regio Amsterdam is tijdens het programma een duurzame samenwerking ontstaan tussen Hospice Bardo, Hospice Kuria en Amsterdam UMC (Academie). Amsterdam UMC verzorgt de organisatie, administratie en doorontwikkeling; Bardo en Kuria leveren docenten, inhoudelijke expertise en locaties. Dat deze samenwerking na afloop van het programma blijft bestaan, laat zien hoe sterk de verbinding is. Daar ben ik echt trots op”, zegt Judith. Ook in andere regio’s ontstaan vergelijkbare samenwerkingen.

Volgens Judith en Christel is het belangrijk dat iemand zich, na afloop van het programma, verantwoordelijk blijft voelen voor het behoud en uitbreiden van de partnerschappen. “Niet alleen voor het hier en nu, de korte termijn effecten, maar ook voor de gezamenlijke lange termijn doelen, wat je samen wilt bereiken,” vertelt Judith. Nu het programma afloopt, verdwijnt de landelijke structuur die regio’s rond de uitvoering van het programma met elkaar verbond. Judith en Christel zien daarom een belangrijke rol voor bijvoorbeeld Expertisecentra Palliatieve Zorg om partijen verbonden te houden en samenwerking te blijven stimuleren.

Docenten waarborgen een blijvende beweging

Binnen het programma O²PZ, de voorloper van het programma Scholing Palliatieve Zorg, ontstond het inzicht dat goed onderwijs over palliatieve zorg begint bij goed opgeleide docenten. De docentenscholing vormde dan ook de basis van de oorspronkelijke subsidieaanvraag van het programma Scholing Palliatieve Zorg. Enerzijds werden docenten beter toegerust om palliatieve zorg een plek te geven binnen bestaande opleidingen. Anderzijds kregen bevlogen zorgprofessionals de mogelijkheid om hun kennis en enthousiasme professioneel over te dragen aan anderen.

Op basis van voortschrijdend inzicht werd later het scholen van zorgverleners toegevoegd aan de subsidie aanvraag. En daarmee stopte de wendbaarheid van het programma niet. Toen er behoefte bleek te zijn aan scholing voor gastdocenten: zorgprofessionals die hun werk combineren met het geven van onderwijs, speelde het programma hierop in en stelde meer scholingsplaatsen beschikbaar voor deze doelgroep.

“De docenten gaan nog jarenlang studenten, zorgverleners en collega’s opleiden, zowel in initiële opleidingen als in bij- en nascholing,” vertelt Christel enthousiast.

"De docenten gaan nog jarenlang studenten, zorgverleners en collega's opleiden, zowel in initiële opleidingen als in bij- en nascholing."
Christel Holwerda
Programmacoordinator

Samenwerking

Naast de mensen en de samenwerkingen blijft de landelijke basisscholing palliatieve zorg bestaan. Partners van het programma blijven de scholing aanbieden, waardoor zorgverleners ook in de toekomst toegang houden tot dezelfde kennis, uitgangspunten en werkwijze. Daarmee blijft niet alleen de inhoud behouden, maar ook een gezamenlijke basis voor palliatieve zorg in Nederland. “Dat maakt samenwerken veel makkelijker”, zegt Christel. “Je spreekt dezelfde taal en werkt vanuit dezelfde uitgangspunten.”

Om die kwaliteit ook in de toekomst te bewaken, ontwikkelde het programma bovendien een landelijke evaluatiemethodiek. Met behulp van de evaluatietool van Annicka van der Plas kunnen aanbieders structureel meten hoe scholingen worden gewaardeerd en welke impact zij hebben op deelnemers en hun handelen. Zo kan het scholingsaanbod ook in de toekomst door ontwikkeld worden om de kwaliteit ervan blijvend te borgen.

Juist dat samenspel van een gezamenlijke scholing én een gezamenlijke manier van evalueren zorgt ervoor dat de opgebouwde kennis niet alleen behouden blijft, maar zich ook verder kan ontwikkelen.

Impact op de werkvloer

Waar het programma vooral heeft gewerkt aan landelijke impact kunnen zorgorganisaties ook in de toekomst impact maken door gebruik te maken van het incompany scholen van zorgverleners. “Als je duurzame verandering op de werkvloer wilt realiseren, is het raadzaam om meteen meerdere zorgverleners incompany te scholen,” is de overtuiging van Judith. Christel bevestigt dit: “Wanneer meerdere collega’s dezelfde scholing volgen, ontstaat er een gezamenlijke taal en groeit de aandacht voor palliatieve zorg binnen een team of organisatie”.

De incompany scholingen zetten volgens Judith meer in beweging dan alleen kennisontwikkeling. “We hoorden van organisaties die de scholingen incompany aanboden dat zorgverleners elkaar na afloop makkelijker wisten te vinden, vaker het gesprek aangingen over palliatieve zorg en meer gebruik maakten van elkaars expertise na het volgen van de scholing. Dat vond ik echt bijzonder om te horen.” Lees hier meer over deze ervaringen. Voor organisaties die palliatieve zorg duurzaam willen versterken, heeft Judith daarom een duidelijke boodschap: “Zorg dat het niet bij één aandachtsvelder blijft. School meerdere mensen rondom hetzelfde thema. Dan maak je als organisatie echt een stap.”

"We hoorden van organisaties die de scholingen incompany aanboden dat zorgverleners elkaar na afloop makkelijker wisten te vinden, vaker het gesprek aangingen over palliatieve zorg en meer gebruik maakten van elkaars expertise na het volgen van de scholing. Dat vond ik echt bijzonder om te horen."
Judith Kolvoort
Programmamanager

Kracht van samen

Het Programma Scholing Palliatieve Zorg werd veel omvangrijker dan in het prille begin was bedacht. Waardoor ook een veel grotere groep zorgverleners en docenten de kennis die ze hebben opgedaan enthousiast en actief uitdraagt binnen hun team, organisatie of netwerk. Zo maken zij anderen die nog niet de basiskennis in palliatieve zorg beheersen bewust van het belang van deze zorg en blijft het onderwerp op de agenda. Volgens Judith is daarmee een vliegwiel in beweging gezet, wat mogelijk ook een verklaring is voor de aanhoudende vraag naar scholing. “Niet iedereen loopt voorop bij nieuwe ontwikkelingen”, zegt ze. “Hoe meer mensen je bereikt, hoe meer mensen het onderwerp verder verspreiden.”

Voor Judith en Christel laat dat zien dat het programma zijn doel heeft bereikt. Partners en stakeholders mogen met trots terugkijken op de resultaten die de afgelopen jaren zijn gerealiseerd en op de duurzame impact die daaruit is voortgekomen: sterkere samenwerking, een gezamenlijke basis voor scholing en een groeiende groep professionals die palliatieve zorg verder brengt.

Voor de toekomst hebben zij vooral één wens. “Ik hoop dat belangen ondergeschikt blijven aan het hogere doel waar we diep in ons hart allemaal voor staan”, zegt Judith. “Namelijk goede zorg voor patiënten en naasten.”Of zoals Christel het samenvat:
“De kracht van samen is eigenlijk de enige weg om palliatieve zorg structureel en duurzaam beter te maken.”

Logo KWF

Contact

Programma Scholing Palliatieve Zorg
Amsterdam UMC, locatie VUmc, Van der Boechorststraat 7
1081 BT Amsterdam  / Postbus 7057 1007 MB Amsterdam